Rembertus Dodonaeus is de gelatiniseerde naam van Rembert Dodoens (1517-1585), die eigenlijk Rembert Doedesz Joenckema heette.
Dodoens was stadsarts van Mechelen, later ook lijfarts van Maximiliaan II van Oostenrijk en van Rudolf II.
Vanaf 1582 werd hij hoogleraar in Leiden, waar hij geneeskunde en botanie doceerde.
In zijn Cruijdeboeck beschrijft Dodoens circa 980 planten, die gerangschikt staan in zes delen. De medicinale toepassingen nemen een ruime plaats in.
Het werk bevat 715 duidelijke houtsneden.
Toen Joost van Ravelingen dit boek in 1608 voor het eerst opnieuw bewerkte (naar de laatste, Latijnse, druk die Dodoens zelf nog heeft geredigeerd, de Stirpium historiae pemptades sex uit 1583) en aanvulde, schreef hij dat Dodoens zijn gegevens uit
'de alderoudste, beste ende vernaemste Medicyn-meesters getrocken ende bij een ghevoeght heeft, mitsgaders 't ghene dat hij door neerstigh versoeck ende landurigh besoeck der Kranken, in 't ghebruyck der Cruyden heel seker ende onbedrighelijck ghevonden heeft, oft dat andere gheloofweerdighe mannen hem ontdeckt ende te kennen ghegheven hebben'.
Enkele jaren voor de publicatie van het Cruijdeboeck had Dodoens al een kleiner werk laten uitgeven in het Latijn: De frugum historia (1552), over granen en peulvuchten.
Maar zijn meest bekend geworden werk is toch wel het Cruijdeboeck uit 1554. In 1563 verscheen hiervan een herziene en vermeerderde editie.
Tussen 1561 en 1580 verschenen er nog vier kleinere geschriften, die alle opgenomen werden in zijn Stirpium historiae pemptades sex sive libri XXX, een wetenschappelijk werk waarin uitvoerig wordt ingegaan op de botanische beschrijving van de planten. Een complete uitgave hiervan verscheen in 1583, die in 1616 werd herdrukt. In 1608 kwam hiervan een Nederlandse vertaling uit (Cruydt-Boeck, herdrukt in 1618 en 1644).
Linnaeus vereeuwigde de naam van Dodoens door een geslacht uit de familie van de Sapindaceae (Zeepboomfamilie) naar hem te vernoemen: Dodonaea.
Leonard Plukenet beschreef Dodonaea viscosa (Kleverige Hopstruik), een soort uit Indonesië en Australië waarvan het hout wordt gebruikt voor wandelstokken en knuppels, en van Alphonse de Candolle komt de naam Dodonaea salicifolia, een struiksoort waarvan het blad bij kneuzing een appelgeur verspreidt.
Dit werk is een Nederlandse vertaling van 'New kreütterbuch', de Duitse uitgave van 'De historia stirpium' van Leonhart Fuchs (1542)
De Duitse uitgave is van 1543
De vertaling is hoogstwaarschijnlijk van de hand van Dodoens en moet in elk geval later dan 1545 zijn verschenen, want de Nederlandstalige uitgave is niet geïllustreerd met de kleurenplaten van de oorspronkelijk in het Latijn gepubliceerde editie (welke ook in de Duitse editie staan), maar bevat de sierlijke houtsneden uit 'das kleine Buch', de Fuchs in 'pocketformaat', met alleen de houtsneden, uit 1545
Het boek lijkt veel op de eerste editie van het 'Cruijdeboeck' van Dodoens uit 1554
Complete scan van 'Histoire des plantes', de Franse vertaling (1557) van het 'Cruijdeboeck' uit 1554 van Rembert Dodoens, vertaald door Carolus Clusius.
Uitgave van de universiteit van Marburg, gepresenteerd als 'Cruyde Boeck'
In deze uitgave zijn alleen de houtsneden van de planten ingekleurd, niet de beginkapitalen, zoals in het 'Cruijdeboeck' van 1554
Deze digitale uitgave (naar een exemplaar dat in de universiteitsbibliotheek van Marburg wordt bewaard) bevat behalve de tekst met volledige inhoudsopgave in het menu, ook het getranscribeerde en klikbaar gemaakte Register van die cracht ende werckinghe der cruyden, alsmede een uitvoerige inleiding (in het Duits) en een zoekfunctie
Frumentorum, leguminum, palustrium et aquatilium herbarum, ac eorum, quae eò pertinent, historia (1566)
Een deelstudie, over granen en peulvruchten en enkele moeras- en waterplanten, overeenkomende met deel 4 van het Cruydt-Boeck van 1644. Tekst in het Latijn. De houtsneden staan telkens op een aparte bladzijde en zijn zeer fraai.
Florum, et coronariarum odoratarumque nonnularum herbarum historia (1568, altera editio 1569)
Een deelstudie over 'kruiden merkwaardig door hun bloemen en geuren', welke met een paar wijzigingen later werd opgenomen in 'Stirpium historiae pemptades sex' van 1583. Een in het Latijn geschreven boek, dat overeenkomt met deel 2 van het Cruydt-Boeck van 1644. http://bibdigital.rjb.csic.es/ing/Libro.php?Libro=2154
De tweede editie van dit werk (altera editio), uit 1569.
Volledige scan van 'Pvrgantivm aliarvmque eo facientivm, tvm et Radicum, Conuoluulorum ac deleteriarum herbarum historiæ libri IIII' uit 1574, een serie monografieën over planten die purgeren, geneeskrachtige wortels, klimplanten en andere, met zeer goede afbeeldingen (een aantal illustraties ontbreekt helaas in deze scan). Tekst in het Latijn, ongeveer overeenkomende met deel 3 van het Cruydt-Boeck van 1644.
In 1581 schreef Dodoens een brief naar aanleiding van een verhandeling over de eland door Apollonius Menabenus. De brief werd aan het slot van deze verhandeling afgedrukt.
De eerste druk van 'Stirpium historiae pemptades sex sive libri XXX' uit 1583. De tekst is in het Latijn. Dit wordt wetenschappelijk gezien als Dodoens' hoofdwerk beschouwd.
Dit is de vijfde herziene druk van de Engelse vertaling van het 'Cruijdeboeck' door Henry Lyte
De vertaling is gebaseerd op 'Histoire des plantes', de Franse vertaling (1557) door Clusius van het 'Cruijdeboeck' uit 1554, en de tweede herziene druk van het 'Cruijdeboeck' uit 1563
De tekst van de Engelse vertaling bevat aanzienlijke uitbreidingen van de hand van de vertaler, maar er zijn ook correcties ingevoegd die door Dodoens aan Lyte werden toegestuurd. Deze editie uit 1619 bevat alleen de tekst, geen illustraties.
Het 'Cruydt-Boeck' uit 1644, overzichtelijk toegankelijk gemaakt door middel van een volledige inhoudsopgave
Vanuit de deel- en hoofdstuktitels in de inhoud kan men rechtstreeks naar de scans van elk gedeelte van het boek klikken. De meest uitgebreide editie van het 'Cruijdeboeck', verlucht met meer dan 1450 houtsneden.
Archéologie végétale des Simples d'après Dodonée, Mathioli, C. Clusius etc. (1912)
Geen boek van Dodoens, maar een werk over hem van de hand van Victor Heursel-De Meester en Robert Delmotte, getiteld 'Archéologie végétale des Simples d'après Dodonée, Mathioli, C. Clusius etc. - Plantes identifiées suivant les principes de Linnée et autres botanistes modernes', een uitgave uit 1912.
Dit boek geeft alle oude Latijnse namen van de kruiden volgens Dodonaeus uit de tweede editie (in het Latijn) van zijn 'Stirpium historiae pemptades sex' uit 1616, in alfabetische volgorde, met de daarmee corresponderende Vlaamse namen uit het 'Cruydt-Boeck' van 1608
Bovendien de in 1912 geldende wetenschappelijke namen volgens Linnaeus en de Nederlandse en Franse namen
Verder beknopte informatie over de geneeskrachtige werking van de planten en wat botanische gegevens.
De indeling van de iconen op de indexpagina van deze link is als volgt (de nummering van de iconen loopt niet gelijk met de paginering van het boek!):
- icon 1 en 2 : omslag en titelblad; icon 3 en 4 : voorwoord (Préface); icon 6 en 7 : over Dodoens (Notice sur Dodonée); icon 8 : opmerkingen vooraf (Remarques préliminaires)
- iconen 12 - 391 : alfabetisch gedeelte (oude Latijnse namen op alfabet),
A : 12-60, B : 60-72, C : 73-125, D : 126-131, E : 132-143, F : 144-153, G : 154-167,
H : 167-184, I : 185-189, J : 189-192, K : 192-193, L : 193-216, M : 217-235,
N : 236-243, O : 243-253, P : 254-294, Q : 294-296, R : 296-315, S : 315-352,
T : 353-373, U : 373-374, V : 374-389, X : 389-391
- i conen 392 - 448 : registers; register op botanische naam (Linnaeus): iconen 392-424, register op Nederlandse naam: iconen 439-448, register op Franse naam: iconen 425-438
- icon 454 geeft de scan van een kleurenplaat, een ontwerp van een kruidentuin