Beginpagina van Plantaardigheden.nl

 

 

Actuele toepassingen van planten
Sitemap
Index

Plantaardigheden.nl
Artikelen over planten

Leesmaar.nl
Dodoens en andere bijzondere boeken

Leeswerk.nl
Plantenboeken opengelegd

Beschrijvingen van planten

Tijm (Echte) - Thymus vulgaris

Thymus vulgaris - Echte tijm

Foto Luc Regniers

Zie alle foto's van Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

  • 1644 Vlaams: Thymus (Harden) sonder aderen
  • 1616 Latijn: Thymum durius
  • 1554/1557: Thym, Thym vulgaire, Thymum durius, Thymus

Overzicht Thymus vulgaris op deze site

Alle foto's van Thymus vulgaris op internet

Thymus vulgaris bij Kurt Stueber Gruppe Max Planck IZ

Thymus vulgaris in Plantago PlantIndex

Lees tekst

Cruijdeboeck 1554

Van Thymus

Cruydt-Boeck 1644

Van Thijm oft Thymus 

Artseny 1800

Gemeene thijm - Thymus vulgaris

   Als het ergens in het plantenrijk geurt, dan is het wel bij de lipbloemigen (Lamiaceae). Zoveel soorten van deze familie verspreiden geuren! Voorbeelden zijn Munt, Salie, Marjolein, Bonenkruid, Citroenmelisse, Basilicum, Hysop, Lavendel en Rozemarijn. Ook onprettige geuren komen voor zoals die van Kattenkruid. De eveneens lipbloemige Tijm geurt echter prettig en aromatisch. De botanische naam van Tijm, Thymus, verwijst daar ook naar: die is herleidbaar tot het Griekse woord 'thymon' dat 'geur' betekent of 'geur geproduceerd door verbranding'. Dat laatste voert terug naar oeroude rituelen om de plant te gebruiken in reukoffers.

   Ook bij het balsemen speelde Tijm vroeger een rol. Bij de oude Egyptenaren was hij naast Lavendel, Rozemarijn, Marjolein, Citroenmelisse, Hysop en Basilicum een van de zeven 'balsemkruiden'.

   Kenmerkend voor alle lipbloemigen is, zoals de naam al zegt, de vorm van de bloem. Ook de kelk- en kroonbladeren van Tijm (vier of vijf in aantal) zijn vergroeid en vormen een aaneengesloten kokertje dat in lippen is verdeeld. Meestal is de bovenlip tweedelig en de onderlip driedelig. De bloemen hebben een grote aantrekkingskracht op insecten. Tijdens de bloei vliegen hommels, bijen en vlinders af en aan, op zoek naar de nectar binnenin. De honing die de bijen eruit bereiden heeft een exquise, aromatische smaak. De oude Grieken en Romeinen beschouwden deze honing als de fijnste van alle soorten. Ook de zaden van Tijm, kleine bruine nootjes, trekken insecten aan. Het zijn mieren die uit de bloem halen en zo bijdragen aan de verspreiding.

Niet veel eisen

   Tijm is een ware zonaanbidder. De kans om hem aan te treffen is het grootst op open, onbeschut terrein. Juist daar ontwikkelt zijn aromatische geur zich het best. Vaak groeit hij kruipend of half opgericht. Om die reden doet hij het goed in tuinen, als bedekker van rots- en steenpartijen. Aan de bodem stellen de wilde Tijmsoorten niet veel eisen. Ze gedijen op voedselarme, droge of goed gedraineerde bodems. Te veel zuur werkt belemmerend op de groei: kalk toevoegen is dan de oplossing. Tijm is een meerjarig gewas dat eerbiedwaardige leeftijden kan bereiken. Na tientallen jaren kunnen sommige soorten uitgroeien tot kleine heestertjes met binnenin de kenmerkende kale, verhoute takken en aan de buitenkant, bijna als een deken er omheen gelegd, jonge takjes met bladeren en bloemen.

Grote vormenrijkdom

   De verschillende Tijmsoorten zijn moeilijk van elkaar te onderscheiden. Dit komt door de grote vormenrijkdom van zowel de wilde als gekweekte vormen. De Wilde Tijm (Thymus serpyllum), in het Engels de 'mother-of-thyme', kent het grootste verspreidingsgebied. Hoewel wij Tijmplanten vooral associŽren met zuidelijke streken, komt deze soort ook in het noorden voor, tot in de arctische gebieden en het hooggebergte. In Nederland groeit hij vooral op zanderige bodems, zoals die in het oosten en langs de grote rivieren. Verschillen in klimaat kunnen de gestalte, grootte en bloemkleur van de plant beÔnvloeden. Dit geldt ook voor de geur die kan gaan lijken op die van Citroenmelisse of Wilde Marjolein. Waarschijnlijk is dit de reden dat in de oudheid het woord 'thymus' niet specifiek voor Tijm werd gebruikt, maar meer in het algemeen voor geurende kruiden.

Kruiptijm en Wilde Tijm

   Het achtervoegsel van de botanische naam van de Wilde Tijm, 'serpyllum', betekent zowel 'kruipen', 'reptiel' als 'slang'. Ongetwijfeld is dit een verwijzing naar de groeiwijze die terugkomt in de volksnaam: 'kruiptijm' (overigens ook de officiŽle naam voor een andere soort, namelijk Thymus praecox). Ook deze soort kan na jaren een struikje vormen met binnenin kale takken en aan de buitenkant stengeltoppen met kleine, elliptische, soms bijna lijnvormige blaadjes.

   De Wilde Tijm is licht aromatisch. De bloemen, met bijna gelijke kroonslippen, zijn niet groter dan een halve centimeter en hebben een kleur die ligt tussen paars en lila. Voor de liefhebbers van details biedt deze Tijmsoort nog meer: aan de onderkant van het blad zit, met het blote oog net zichtbaar, ťťn enkele nerf. En wie met een loep nog nauwkeuriger wil kijken, treft aan de bladvoet kleine haartjes aan, de zogenaamde 'wimpers'.

Grote Tijm en Echte Tijm

   In Nederland groeit nog een andere Tijmsoort, de Grote Tijm (Thymus pulegioides). Deze komt vrij algemeen voor in de kalkrijke duinen ten zuiden van Bergen. Hij lijkt op de Wilde Tijm, maar alles is er wat forser aan. Ook de geur is sterker dan die van Wilde Tijm.

   Maar voor de meest aromatische Tijmsoort moeten we afreizen naar zuidelijke, mediterrane streken, zoals Zuid-Frankrijk, Spanje, Portugal en ItaliŽ. Daar groeit de 'echte' Tijm, de Thymus vulgaris. Vaak tref je hem aan op droge hellingen (tot een hoogte van 1500 meter) en bij voorkeur in het volle zonlicht. Ook deze soort kan tientallen jaar oud worden. Hij kruipt niet, maar groeit opgaand en kan daarbij een hoogte van twintig tot dertig centimeter bereiken. De blaadjes hebben twee opvallende eigenschappen die een wapen vormen tegen uitdroging: aan de onderzijde zijn ze viltig behaard en aan de rand omgekruld.

Duitse 'wondertijm'

   Kwekers hebben deze zuidelijke Tijm geselecteerd op verblijf in noordelijke, gematigde streken. Ze hebben namen gekregen als Engelse Tijm, Franse Tijm en Duitse wonderTijm. Soms telen akkerbouwers ze op grotere arealen. Dat is een arbeidsintensief karwei, want het duurt lang voordat de kiemplantjes uitkomen en ook daarna gaat de groei traag. Vooral als het vochtig weer is, krijgen onkruiden een kans. Maar eenmaal volgroeid, levert zo'n Tijmveld een prachtige aanblik. De planten kunnen dan fraai, als een deken, aaneengroeien.

   Binnenin zijn allerlei details waar te nemen. De onderste takjes creŽren een wat vochtige atmosfeer, bovenop zit de droge laag die al bij geringe aanraking de geur van etherische oliŽn verspreidt. Even waan je je in een mediterraan land. Een nadere beschouwing leert ook dat de individuele plantjes onderling veel variatie vertonen, want de gekweekte Tijm is niet zover doorgeselecteerd als andere akkerbouwgewassen. In bloei zul je de velden met gekweekte Tijm niet zien, want net voor de bloei bevatten de blaadjes het hoogste gehalte aan etherische oliŽn en dan worden ze geoogst.

Keukenkruid

   De Echte Tijm is vooral bekend als keukenkruid. De volle, aromatische en wat scherpe smaak komt het best tot zijn recht in schotels met tomaat, paprika, aubergines en olijven. Maar ook met klassieke wintergroenten als kool, prei en winterwortel harmonieert het kruid goed. Tijm komt het best tot uiting als hij wordt meegestoofd in het gerecht. Maar je moet hem wel weten te doseren. In te grote hoeveelheid toegevoegd kan hij het gerecht gaan domineren.

   Vooral de combinatie met Rozemarijn is een subtiele. Niet voor niets maken deze twee kruiden - naast gedroogde Marjolein en Peterselie - onderdeel uit van de 'provencaalse kruidenmix'. Ook in het 'bouquet garni', tot een bosje samengebonden verse kruiden, is Tijm een vast bestanddeel. De aromatische geur van Tijm is ook op een andere manier te ervaren. Leg het kruid, samen met bijvoorbeeld Salie, Kamille of Pepermunt, op een plaat op de kachel. Weldra verspreidt zich een aangenaam aroma door de kamer.

Etherische olie

   Uit de Echte Tijm kan uit de verse of gedroogde blaadjes en bloemtopjes door destillatie een kleurloze (soms lichtgele of roze) etherische olie worden gewonnen. De geur en smaak zijn sterk aromatisch en scherp. Tegenwoordig vindt de olie vanwege zijn verwarmende en ontspannende effect, zijn weg in zepen, lavendelwater en badproducten.

   Het hoofdbestanddeel van de olie (tot 60 procent) is 'thymol'. Deze stof heeft een antiseptische en slijmoplossende werking, de reden waarom Tijmolie wordt gebruikt bij vastzittende hoest en verkoudheid. De Griekse arts Hippocrates maakte in de vierde eeuw voor Christus al melding van deze toepassing. In middeleeuwse kloostertuinen in Zuid-Frankrijk, Spanje en ItaliŽ werd het kruid speciaal om deze reden gekweekt. Het verhaal gaat dat Romeinse soldaten moed verzamelden door zich in een Tijmbad te baden. En met een scheut Tijmolie toegevoegd aan soep en bier zou verlegenheid verdwijnen!

Tijm in de poëzie

   Dat dit kruid de verbeelding kan prikkelen, maakt ook Shakespeare duidelijk in zijn A Midsummer Night's Dream. Om de verblijfplaats van de elfenkoningin Titania te karakteriseren gebruikt hij onder meer deze plant. Misschien is het daarom dat de Kruiptijm ook wel 'Shakespeare's Tijm' heet.

   Op fascinerende wijze komt de Tijm - samen met Peterselie, Salie en Rozemarijn - voor in het een oud, waarschijnlijk zestiende-eeuws Engels volkslied met de titel Scarborough Fair. In elk couplet van vier zinnen luidt de tweede steeds: 'parsley, sage, rosemary and thyme' ('peterselie, salie, rozemarijn en tijm'). De betekenis van deze zin lijkt in eerste instantie zinloos. Toch, binnen het geheel van de tekst, geeft de herhaling van dezelfde woorden een magische tint aan het lied. Het lijkt alsof de schrijver de wanhoop om de onmogelijke liefde met dit 'bouquet garni' wil bezweren en draaglijk maken:

Are you going to Scarborough Fair,
Parsley, sage, rosemary and thyme
Remember me to one who lives there
For once she was a true love of mine.
Tell her to make me a cambric [batist] shirt,
Parsley, sage, rosemary and thyme,
Without any seam or needle work,
And then she shall be a true love of mine.
Tell her to wash it in yonder dry well,
Parsley, sage, rosemary and thyme,
Where water ne'er sprung, nor drop of rain fell,
And then she shall be a true love of mine.
Tell her to dry it on yonder thorn,
Parsley, sage, rosemary and thyme,
Which never bore blossom since Adam was born,
And then she shall be a true love of mine.
O, will you find me an acre of land,
Parsley, sage, rosemary and thyme,
Between the sea foam and the sea sand,
Or never be a true love of mine.
O. will you plough it with a lamb's horn,
Parsley, sage, rosemary and thyme,
And sow it all over with one peppercorn,
Or never be a true love of mine.
O, will you reap it with a sickle of leather,
Parsley, sage, rosemary and thyme,
And tie it all up with a peacocks feather,
Or never be a true love of mine.
And when you have done and finished your work,
Parsley, sage, rosemary and thyme,
Then come to me for your cambric shirt,
And you shall be a true love of mine.

R. van der Hoeden bewerkte tekst uit Flora's Kus met toestemming van Weleda

^Naar het begin van deze pagina

Toepassingen van planten
Kruidenlijstjes
  Beschrijvingen van planten
    A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | MN | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | Z
  Foto's prof. Paul Busselen
    A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z
Nederlandse, Latijnse en Engelse plantennamen zoeken
Nieuwe planten-soorten en -namen in Nederland
 
Woordenboek Nederlandsche Taal
Plantago PlantIndex
Letter: druk op CTRL, draai ook aan muiswiel